De goud- en zilverprijs
Een complex samenspel van veel factoren
De goudprijs gedijt goed in onzekere tijden. Tijdens de financiële crisis van 2008 verdubbelde de koers. Rond 2020 (pandemie, geopolitieke spanningen) werden weer recordprijzen bereikt. 2025 was een topjaar met 50 nieuwe recordstanden en een goudprijs die voor het eerst uittorende boven 100.000 euro per kilogram – al wordt de goudprijs doorgaans genoteerd in ounce (1 ounce = 31, 103 gram). Intussen schoot de zilverprijs de hoogte in met 266 procent. Maar hoe worden die prijzen bepaald?
De prijs van goud wordt niet bepaald door één enkel mechanisme, maar door een complex samenspel van internationale marktdynamiek en dagelijkse veilingen. Een belangrijke actor is de London Bullion Market Association (LBMA), waar de goudprijs twee keer per werkdag (om 10:00 en 15:00 Londense tijd) wordt vastgelegd in een elektronisch veilingproces. De grote koop- en verkooporders van banken worden tegen elkaar weggestreept, tot vraag en aanbod met elkaar in balans zijn. De LMBA fungeert als belangrijke hub voor de handel in fysiek goud. Wereldwijd hanteren mijnbouwbedrijven, juweliers en centrale banken deze “fix” als benchmarkprijs bij hun transacties. Daarnaast is er de Spotprijs. In tegenstelling tot de dagelijkse fix verandert die continu. Het is de actuele marktprijs waartegen goud op het moment zelf (“on the spot”) wordt verhandeld op wereldwijde beurzen, voorop die van New York (COMEX) en Hongkong.
Verschillende economische variabelen sturen de goud- en zilverprijs. Vanzelfsprekend vraag en aanbod, maar omdat goud en zilver doorgaans in dollar geprijsd worden, heeft ook de stand van die munt belang. Bij een zwakke dollar stijgt de goudprijs en andersom. Voorts weegt het algemeen economische klimaat op de prijs. Hoge inflatie en lage rentestanden stimuleren de vraag naar goud, wat de prijs opdrijft.
Vooral goud – zilver minder omdat het volatieler is – geldt als een veilige haven bij economisch onweer. Goud als financieel instrument. Het behoudt zijn waarde en functioneert beschermend: het ideale schuiloord op turbulente markten. In die zin bepalen beleggers deels de goudprijs. Op futures- en optiemarkten, waar speculanten en investeerders posities innemen op basis van verwachte prijsbewegingen, wordt goud actief verhandeld. Hetzelfde voor OTC-markten (Over The Counter), waar banken, handelshuizen en institutionele investeerders rechtstreeks met elkaar business doen.
Als regulator van het economische klimaat beïnvloeden de centrale banken de goud- en zilverprijs. Niet alleen omdat zij beslissen over rentestijgingen en -dalingen, maar evenzeer met de aankoop of verkoop van goudreserves als onderdeel van hun monetair beleid. Het hoeft voorts geen betoog dat het geopolitieke klimaat (oorlogen, spanningen in het handelsverkeer, politieke onrust…), economische onzekerheid of vertraging veroorzaakt, wat mensen naar goud doet vluchten, met een stijging van de vraag én de goudprijs als gevolg. Tot slot wordt goud niet alleen aangewend voor investeringen maar ook in de juwelenbranche en in diverse industriële en technologische toepassingen, die mee de vraag oriënteren.


GRILLIG ZILVER
Hoewel de mechanismen vergelijkbaar zijn, reageert zilver sterker op de industrie dan goud. Net als bij goud bepaalt een combinatie van een dagelijkse benchmark en de contant bewegende Spotprijs op de wereldmarkt, de zilverprijs. De LBMA legt de referentieprijs één keer per werkdag vast, om 12:00 Londense tijd. Bij de zilverprijs speelt een dubbele invloed. Zilver is niet alleen een beleggingsmetaal maar ook een grondstof: meer dan de helft van het beschikbare zilver wordt industrieel benut (zonnepanelen, elektronica, medische apparatuur…). Die mix maakt de zilverprijs dynamisch, grillig en moeilijk voorspelbaar. Hij beweegt cyclisch, met scherpe pieken maar ook steile correcties in verschillende economische fases. De goudprijs evolueert meer geleidelijk en stabieler. Dit verklaart waarom zilver in recessies vaak zwakker presteert dan goud, maar in economische herstelfases zijn achterstand goedmaakt.
De goudprijs valt makkelijker te voorspellen dan de zilverprijs. Dat de zilvermarkt beduidend kleiner is dan de goudmarkt, maakt hem op zich al vatbaarder voor grotere prijsschommelingen. Voor zilver werken experts met scenario’s van mogelijke economische toekomsttrajecten: van uiterst gunstig, waarbij zilver optimaal zijn dubbele rol – excusez le mot – verzilvert, tot uiterst ongunstig, waarbij zilver vlug aan waarde verliest. Op 31 december stond de zilverprijs op 72,03 dollar per ounce. Een gematigd positief scenario met een overwegend zijwaartse prijsevolutie, maar wel tussentijdse schommelingen en correcties, lijkt het meest aannemelijk. De verwachting van een tekort aan zilver om aan de industriële vraag te voldoen, neigt dan weer naar prijsstijgingen.
Op 31 december 2025 sloot de goudprijs af op 4.339,65 per ounce. Het instituut voor financiële analyses JP Morgan Global Research voorspelt dat de goudprijs in het laatste kwartaal van 2026 gemiddeld 5.055 dollar per ounce zal bedragen en tegen eind 2027 zal stijgen naar 5.400 dollar per ounce.